Zwart, wit en voeding

Wilde- en gedomesticeerde dieren en hun voeding, de wolf, de hond en de (wilde) kat.

Dagelijks vragen mensen mij om “het beste voer” voor hun geliefde huisdier.
Het beste voer bestaat niet, en zoals Dr. Esther Hagen Plantinga zegt:”Het beste ingrediënt voor goede voeding is kennis”.
Wel bestaat er een goed passende combinatie tussen een voeding en uw huisdier. Ongeacht of we spreken over brokken, blikvoeding of vers vlees.

De laatste jaren is het helemaal hip om je huisdier te voeren zoals zogenoemd “de natuur het bedoeld heeft”. Veel vlees, weinig koolhydraten én glutenvrij.

Ook komt het merendeel van mijn klanten binnen met de mededeling dat hun hond of kat niet tegen gluten en of koolhydraten kan, een voedselallergie heeft of een eiwit allergie. Als ik vraag hoe klanten aan deze diagnose komen, lopen de antwoorden uiteen van:”De buurman zag een plekje op zijn rug” tot “ik geef hem sinds pup/kitten merk X en sinds een maand krabt hij zich rot”.

Graag wil ik een aantal beweringen over voeding verhelderen vanuit verschillende zienswijzen, maar ook vanuit de wetenschap.

Niets is zwart wit, dus het voeden van onze huisdieren ook niet.

Wolven in Europa leven van wild zwijn (28%), eland (23%), ree (14%) en edelhert (14%). Ook een hond zal in het wild een dieet hebben wat bestaat uit ongeveer 70% eiwitten, 20% vet, 8% as (mineralen) en een nihile 2% koolhydraten.

Een wilde kat leeft van kleine zoogdieren 77% en vogels 16%. Overig voedsel zijn reptielen 3,7%, insecten 1,2%, vis 0,3%(!) en ei 0,1%.

Niets van de voedingen die wij maken komen hierbij in de buurt!

Maar:

In de natuur worden honden en katten gemiddeld 4-7 jaar oud tegenover gemiddeld 12-14 jaar bij onze gedomesticeerde huis hond en -kat.

Tevens wordt de instinctieve voedingskeuze van dieren in de natuur gedreven door slechts één ding: Voorplanting, het doorgeven van de genenpoel! Derhalve kiest een dier instinctief voor energie uit proteïnen en niet uit koolhydraten.

Ons doel is echter onze huisdieren zo oud mogelijk te laten worden!

Koolhydraten:

Toen de wolf naast de mens ging leven, heeft er een genetische selectie plaatsgevonden. De dieren die slecht koolhydraten konden verteren trokken verder, terwijl de dieren die de koolhydraten wel konden verdragen bleven. Uit een onderzoek onder honden en katten, waarbij zes verschillende koolhydraatbronnen zijn getest op de mate van verteerbaarheid bleek dat honden 98,7% konden verteren en katten tussen de 93,9 en 98%.

(Getest:cassave meel, maïs, sorghum, rijst, linzen en erwten.)

Eiwitten:

Zo een 1 op de 3 katten boven de twaalf hebben enige vorm van nierproblemen. Als de nieren van een kat minder goed gaan werken, kunnen deze minder goed eiwitten verteren.

Uit studies is gebleken dat de gedomesticeerde huis kitten behoefte heeft aan zo een 22% eiwitten en een volwassen kat 20% per dag. Een wilde kat heeft minsten 63% eiwitten nodig!

Gluten:

Tot op heden is er slechts één hondenras waarbij coeliakie is vastgesteld, namelijk de Ierse Setter. Coeliakie is een glutenintolerantie en een auto immuunziekte. Toch reageren sommige honden en katten inderdaad beter op een dieet zonder gluten.

Conclusie:

Wat ik wil zeggen is het volgende, een wild dier is niet te vergelijken met een gedomesticeerd dier. En net zoals een top wielrenner een andere voedingsbehoefte heeft dan ikzelf, is dit voor onze dieren ook zo. Een zwangere teef heeft andere voeding nodig dan een senior reu. De ene hond doet het beter op vlees, de ander op brokken, en weer een ander op blikvoer.

En mensen, om nog even een hardnekkige fabel uit de wereld te helpen, geëxtrudeerde brokken (gebakken brokken) blijven niet drijven in de maag van de hond, dit is onjuist en anatomisch gezien onmogelijk.

Bronnen:
  • Bosch et al. ,Br. J. Nutr. 2015
  • Plantinga et al. ,Br. Nutr. 2011
  • Levy et al., JAVMA 2003
  • Taylor et al., Proc. Nutr. Soc. 1995
  • NRC, Nutrient requirement of dogs and cats, 2006
  • Effects of six carbohydrate sources on dog diet digestibility and post-prandial glucose and insulin response
  • Effect of six carbohydrate sources on diet digestibility and postprandial glucose and insulin responses in cats
  • Edupet 2017, Dr. Esther Hagen Plantinga 2017